Wat is het je waard?

groep 7 en groep 8 en Onderbouw VO

Vraag bij de locatie naar de kosten

Tijdens de Tweede Wereldoorlog stonden gewone mensen voor moeilijke keuzes. Wat zou jij doen? 

In oorlogstijd kan een keuze grote gevolgen hebben. Het afwegen van dilemma’s staat centraal in het project Wat is het je waard? In dit lesmateriaal worden lokale historische gebeurtenissen uit de Tweede Wereldoorlog dichtbij gehaald. De leerlingen onderzoeken de keuzes die mensen maakten tijdens de oorlog en stellen zich voor hoe zij gehandeld zouden hebben in die tijd. Daarnaast bespreken zij hoe wij daar nu naar kijken. Wie zo’n keuze moet maken, spreekt zich uit over wat hij of zij belangrijk vindt; welke waarde het zwaarst telt.

De leerlingen ontdekken wat zij zelf van waarde vinden en wat anderen van waarde vinden. Door te discussiëren over dilemma’s kan meer begrip ontstaan voor de verschillende keuzes die mensen maken. Wie kennismaakt met andermans motieven, ontdekt alternatieven voor het eigen handelen. 

Alle voorbeelden uit het lesmateriaal zijn gebaseerd op waargebeurde feiten uit de omgeving van de leerlingen.

Productdetails

Lesmateriaal Docentenhandleiding met lokale dilemma's en een uitgebreide beschrijving van de Morele Dilemma Discussiemethode.
Leergebied Geschiedenis, omgevingsonderwijs en burgerschapsonderwijs. 
Thema's Tweede Wereldoorlog, dilemma's, discussiëren, waardebewustzijn.
Leerdoelen

Leerdoelen erfgoededucatie

  • De leerling kan erfgoed in de eigen omgeving koppelen aan onderwerpen in de regionale of nationale geschiedenis.
  • De leerling kan het verhaal bij het erfgoed plaatsen in de tijd en relateren aan hoe mensen in een bepaalde tijdsperiode woonden, leefden en werkten en daarbij verschillen en overeenkomsten noemen met nu.
  • De leerling toont in dialoog respect voor de mening van een ander over de waarde van erfgoed.
  • De leerling kan zijn/haar eigen verbondenheid met erfgoed vertalen in het zorgdragen voor het behoud van erfgoed.

De Cultuur Loper indicatoren waar (met name) aan gewerkt wordt:

  • R1 - De leerling verwoordt eigen ervaringen en gevoelens in relatie tot de context.
  • R5 - De leerling benoemt wat ideeën en werk van anderen (kunst of erfgoed) voor hem betekenen.
  • C1 - De leerling kan zich een voorstelling maken van een gebeurtenis, ervaring of idee en deze uiten.
  • C5 - De leerling bedenkt en realiseert alternatieve oplossingen.
  • O3 - De leerling verkent emoties, ervaringen en ideeën van zichzelf en anderen.
Tijdsbeslag 3 lessen van 60 minuten
Plaats van uitvoering Klas